“De Brazilianen niet als concurrenten maar als collega’s zien”

Printervriendelijke versieSend by email

Nederlandse kaderleden Bart en Bas over hun ervaringen in het cacao project 

“De multinationals zouden het liefst zien dat we elkaar als concurrenten zouden zien. Maar wij zien de Brazilianen als collega’s. En dat komt ook in het project terug: zowel wij als zij moeten er iets aan hebben.”

Dutch union activists Bart and Bas about their experiences in the cocoa project

"The multinationals would prefer us to see each other as competitition. But we see the Brazilians as colleagues. This is also reflected in the project: both we and they have to benefit from it."

De kaderleden Bas Witte en Bart Bruijn zijn al sinds 2008 betrokken bij het cacao project van FNV Bondgenoten en TIE-Netherlands. Door informatie en ervaringen uit te wisselen met Braziliaanse kaderleden uit de cacaosector hopen zij samen de multinationals waarvoor zij werken het hoofd te kunnen bieden. Om nog sterker te staan denken zij aan uitbreiding richting Ghana en België.

Wereldhandel

Cacao is wereldhandel en Nederland speelt een sleutelrol binnen de cacaosector wereldwijd. De cacaoverwerkende bedrijven van Dutch Cocoa Ecom, Cargill en ADM in Nederland behoren tot de modernste ter wereld en Amsterdam is de grootste cacaohaven van Europa. Drie  bedrijven met een vestiging in Nederland hebben ook fabrieken in Brazilië, namelijk Cargill, Dutch Cocoa en ADM. Vandaar dat Bart en Bas de vakbondsactiviteiten in de cacaosector ook naar een wereldniveau willen brengen.

Toen de kaderleden in 2008 voor het eerste meegingen naar Brazilië was alles nieuw voor ze. Ze hadden in Nederland een cursus in ‘productiemapping’ gekregen, een methode waarmee ze vervolgens het productieproces op hun bedrijf in kaart brachten. De resultaten zouden ze uitwisselen met Braziliaanse kaderleden die in dezelfde bedrijven werken. Bas: “Dat was heel moeilijk en spannend. Je moet het leren, om discussies te voeren en dingen te vertellen, en daar moet een lijn in zitten.” “Maar de mapping was ons bindmiddel,”zegt Bart. “Ondanks de taal kan je daardoor toch met elkaar praten, je kent het bedrijf waar ze het over hebben en weet over welke processen het gaat.”

Zo konden beide groepen elkaar nuttige ervaringen vertellen en spookverhalen van bazen uit de wereld helpen. Bas: “De Brazilianen hadden gehoord dat er in Nederland veel minder mensen werken op een zelfde plek dan in Brazilië. Wij konden ze vertellen dat dat niet door harder werk maar door automatisering kwam. Dat zagen zij als een bedreiging, het zou banen kosten. Wij vertelden ze onze ervaringen hiermee in de jaren ’80 en ‘90.”

Multinationals checken  

Ondertussen zijn de Nederlanders vorig jaar voor de tweede keer naar Brazilië gegaan, en in 2009 kwamen 5 Brazilianen naar Nederland. Goed voor het opbouwen van contact, want dat heeft tijd nodig. Bas: “Het is belangrijk om elkaar te leren kennen en te vertrouwen. In de eerste instantie is iedereen wantrouwig. Ze zijn bang voor de multinationals, en houden vast aan hun geheimhoudingsplicht. Later konden we ook lol hebben met elkaar. Pas in 2010 zagen we echt resultaat van het jarenlange contact.”

Voor Bart en Bas is het samenwerken op gelijke voet van groot belang. “De multinationals zouden het liefst zien dat we elkaar als concurrenten zouden zien. Maar wij zien de Brazilianen als collega’s. en dat komt ook in het project terug: zowel wij als zij moeten er iets aan hebben.”

Samen optrekken tegen de strategieën van de multinationals. Dat is volgens de kaderleden het belang van het project. Bart: “Nu kunnen we de multinationals in de gaten houden. Ze manipuleren de werknemers door verhalen over bedrijven in andere landen te vertellen. Dankzij onze internationale contacten kunnen we ze controleren: klopt het wat ze zeggen? We weten nu wat er gebeurt en welke plannen daadwerkelijk realistisch zijn.”

De mapping draagt ook bij aan de versterking van de eigen vakbond. Toen de Brazilianen van hun baas hoorden hoeveel er geproduceerd moest worden, konden ze met behulp van de productiecijfers uit hun mapping aangeven dat dit niet realistisch was.” Door de uitwisseling hebben de kaderleden bovendien meer inzicht in de hele productieketen. “Wij zien nu waar de cacao vandaan komt, en zij zien waar het naar toe gaat. Heel interessant!”

Solidariteitsverhaal   

Wat de meeste indruk achterliet was de solidariteit en saamhorigheid in Brazilië. Zo werkt het bondsgebouwtje in Brazilië als een sociale ontmoetingsplek, waar iedereen elkaar kent en samen voetbal kijkt. “Maar je ziet het ook terug in het ontwikkelen van een sector CAO, waarin ze veel verder zijn dan wij. Pas als alle bedrijven akkoord gaan wordt de CAO afgesloten. Ook als er acties zijn blijven alle werknemers, of ze nou net de nachtdienst uitkomen of de dagploeg ingaan, ze blijven!” Bart voegt toe: “en in Nederland moeten we blij zijn als er 30 man naar een ledenvergadering komt.”

Dat solidariteitsverhaal gebruiken Bart en Bas om in Nederland het belang van internationaal vakbondswerk aan te geven. Want het betrekken van meer kaderleden is niet altijd makkelijk. “Dan zeggen we: ‘In Brazilië hebben ze 7% loonsverhoging gekregen, maar dat kan je vergeten als niemand op komt dagen!”

Hun ervaringen met de Brazilianen delen Bart en Bas op hun bedrijf, in de sectorraad, en in de nieuwsblaadjes van het bedrijf. Toch doen collega’s maar moeizaam mee. “Het kost veel tijd,” geeft Bas toe, “en helaas zijn veel mensen meer met hun eigen situatie bezig.” Bas en Bart zijn druk bezig met het enthousiasmeren van nieuwe mensen die in dit project willen meedraaien. Daarbij proberen ze vooral mondige en wat jongere werknemers te betrekken.

Op naar een wereld OR

In april staat het volgende seminar in Brazilië gepland. Bart en Bas zullen daar bij zijn, en het liefst breiden ze het project nog verder uit, in de eerste instantie naar Ghana en naar België. Ghana is een grote producent van cacaobonen en veel van dezelfde multinationals zijn ook daar actief. In België zit Barry Callebout, die ook in Brazilië is gevestigd. “Door deze twee landen te betrekken verzamelen we nog meer informatie. Op de lange termijn komt misschien ook Ivoorkust er nog wel bij. We kunnen dan een soort wereld OR oprichten!”

Contact met de Brazilianen is er ondertussen nog altijd. Bas communiceert veel via facebook en de nieuwsbrieven sturen ze vertaald op naar Brazilië. “Van hun kant komt dat minder,”geven ze toe, maar dan lachend: “We hebben al begrepen dat iets typisch Braziliaans is!”   

More About Us

       

 
 
Inhoud syndiceren